Reisverslag India 2007
Optimisme in India
De eerste drie weken van dit jaar reisde een kleine groep van Wederzijds/Oikos weer door Zuid- India. Reiziger en bestuurslid Piet Kruizinga doet verslag van een enerverende en inspirerende reis.
Terugdenkend aan de ontmoetingen die wij hadden met onze partners daar, blijft bij mij vooral een gevoel van optimisme hangen. Want dat straalden onze gesprekspartners uit. Zeker, de problemen in dit immens grote land met zijn 1,3 miljard inwoners, zijn nog lang niet opgelost. Toch waren onze gastvrouwen en -heren zonder uitzondering vol goede moed. Vol trots presenteerden zij ons hun werk en hun resultaten. Een der eerste projecten die wij bezochten, zo’n 100 kilometer ten noorden van Hyderabad, hield zich bezig met plattelandsontwikkeling. Buitengewoon belangrijk in een land waar meer dan de helft van de bevolking leeft van de landbouw. Een landbouw die op dit moment een diepe crisis doormaakt.
In de afgelopen jaren heeft India het hongerprobleem praktisch opgelost. Dat gebeurde door de grootschalige verbouw van zogenaamde natte rijst. Daarvoor werden vele stuwdammen voor irrigatiedoeleinden gebouwd. Overal werden rijstvelden aangelegd, ook op gronden die daar eigenlijk niet zo geschikt voor zijn. Door deze ‘groene revolutie’ slaagde India er in relatief korte tijd in om voldoende voedsel voor haar groeiende bevolking te produceren. Maar nu worden de negatieve gevolgen van deze ontwikkeling zichtbaar. De stuwmeren veroorzaken allerlei ecologische problemen. Door de grote productie en de daardoor ontstane lage prijzen, is het boerenbedrijf niet meer lonend. De boeren verarmen en moeten hun grond verkopen. Of zij trekken naar de stad in de hoop daar wat meer te kunnen verdienen. De gezins- en andere sociale structuren vallen daardoor uit elkaar. Veel boeren beroven zich in wanhoop van het leven. En de overvloedige rijst is wel gemakkelijk te bereiden, maar is lang niet zo gezond als de oorspronkelijke graangewassen.
Oorspronkelijke gewassen
De Deccaanse Ontwikkelingsorganisatie DDS probeert deze negatieve ontwikkelingen tegen te gaan door het bevorderen van de verbouw van de oorspronkelijke gewassen. Die gedijen beter op de drogere gebieden en zijn veel vezelrijker. Dit gebeurt vooral door groepen vrouwen die in de door de mannen verlaten dorpen de handen ineenslaan. En met resultaat: het boeren wordt weer lonend, er is minder water nodig en de oude gewassen zijn heel gezond. DDS hoopt dat op deze manier ook de trek naar de steden kan worden bestreden. En dat is hoognodig, want de steden zijn niet berekend op de snelle bevolkingstoename van de laatste jaren. Met als gevolg grote problemen bij de watervoorziening, de riolering, de elektriciteitsvoorziening en de verkeersdoorstroming. Het is de bedoeling dat deze aanpak wordt uitgebreid naar andere gebieden in de deelstaat Andra Pradesh en daarbuiten. Het duurde even, per slot van rekening waren we nog maar nauwelijks uit Nederland vertrokken, maar geleidelijk werd ons de gedurfde en enthousiaste aanpak van dit project duidelijk. Er komen op deze manier weer kansen voor de verarmde plattelandsbevolking.
Strijd tegen kinderarbeid
Ook aan het begin van onze reis bezochten wij een organisatie die kinderarbeid bestrijdt door bevordering van de deelname van kinderen aan het reguliere onderwijs. De MV-stichting zoekt overal kind-werkers op en brengt ze in aparte kostscholen onder om ze daar klaar te stomen voor de terugkeer naar het normale schoolleven. Een aanpak die heel veel succes heeft gebracht, vele duizenden kinderen kregen hierdoor nieuwe kansen. Doordat het project zo goed loopt, loopt het aantal kind-werkers in de regio zo sterk terug, dat er al veel van deze kostscholen gesloten zijn. De school die wij bezochten, had al veel minder leerlingen dan een paar jaar geleden, toen we ook op deze school ontvangen werden. Men is nu bezig deze succesformule toe te passen in andere delen van India.
Er was ook veel optimisme bij de mensen van SHRED, een kleine organisatie in Chittoor, die zich bezig houdt met het onderwijs aan achterstandskinderen in een buurt waar veel steengroeven zijn. Veel van deze kinderen doen zwaar en gevaarlijk werk bij de productie van bouwmaterialen. En ook SHRED heeft succes. Zij bereiken steeds meer kinderen en hun mogelijkheden nemen toe.
Veel vooruitgang en optimisme ook bij de leraren en leerlingen van de Olivia-school in Proddatur. Op deze school gaan veel kinderen van zeer lage afkomst; van kastelozen en inheemse stammen. Hun aantal neemt van jaar tot jaar toe. Steeds meer oud-leerlingen stromen door naar het vervolgonderwijs. De vooruitzichten zijn gunstig.
Bewondering
Ook bij de YMCA in Madurai was men optimistisch. Binnenkort begint de bouw van een groot vergadercentrum. De school voor gehoorgestoorde leerlingen wordt steeds professioneler en beter. De kostschool voor weeskinderen krabbelt weer op. De oud-leerlingen boeken goede resultaten. Ook daar is nieuw enthousiasme ontstaan. Dit waren slechts enkele voorbeelden van het groeiende optimisme en enthousiasme die wij tijdens onze drieweekse reis zijn tegengekomen. Onze bewondering hiervoor hebben we ter bemoediging steeds aan onze partners geuit.
De reisgroep had, zoals de laatste tijd gebruikelijk, een motto: vrouwen in ontwikkeling. Hoewel we onze bevindingen op dit punt nog moeten samenvatten, wil ik daar toch alvast een tweetal opmerkingen over maken. Aan de ene kant werd ons opnieuw duidelijk hoe cruciaal de rol is die vrouwen vervullen bij de ontwikkeling van de armen en gemarginaliseerden in India. Zij zijn de spil waar alles om draait; zij beheren het huishouden. De actieve en concrete inbreng door vrouwen heeft dan ook vaak een direct zichtbaar resultaat. Bij veel van de activiteiten die wij bezochten ging dan ook de ontwikkeling van de armen en die van vrouwen hand in hand.
Maar aan de andere kant werd ons ook steeds duidelijk, dat de Indiase maatschappij vooral een mannenmaatschappij is. Bijna overal waar we kwamen werd het woord gevoerd door mannen. De aanwezige vrouwen deden meestal het ondersteunende werk zoals het rondbrengen van thee en het bedienen van de apparatuur. Vrouwen in India zijn vaak nog tweederangsburgers. Meisjes zijn minder waard dan jongens en de te betalen bruidsschatten vormen een toenemende last. Die lagere positie werd ons eens te meer duidelijk bij ons allerlaatste bezoek. Op de avond van ons vertrek uit Mumbai werden we ontvangen door een geestelijk leider van de Lutherse Kerk van India. Volgens hem – en zijn vrouw was het met hem eens – kon een vrouw geen predikant worden. Want Jezus had alleen mannelijke discipelen en ook de priesters in het Oude Testament waren mannelijk. Toen wij met hem hierover in discussie gingen, realiseerde ik mij, dat nog maar een dikke vijftig jaar geleden ook in Nederland vrouwen geen predikant konden worden en in zakelijk opzicht gelijkgesteld waren met kinderen! Bij ons is die ontwikkeling snel gegaan. Met het optimisme en het enthousiasme van het India van vandaag de dag zou het daar wel eens sneller kunnen gaan.
— Piet Kruizinga
